'One Battle After Another' grote winnaar Oscaruitreiking, die Amerikaans feestje werd
In dit artikel:
De 98ste Oscaruitreiking werd ondanks veel internationale nominaties vooral een Amerikaanse triomf, waarbij Paul Thomas Andersons One Battle After Another de avond domineerde. De ceremonie van ruim drie uur en drie kwartier leverde de film zes beeldjes op, waaronder Beste Film en Beste Regie. Anderson, die eerder veertien persoonlijke nominaties had zonder ooit te winnen, haalde deze keer ook Beste Scenario (bewerking van Thomas Pynchon) binnen; zijn slotwoord was luchtig: “Wát een avond — en nu is het tijd voor een martini!”
Ryan Cooglers Sinners, dat met zestien nominaties een record zette en in de aanloop hard campagne voerde, pakte alsnog vier Oscars, met als belangrijkste trofee die voor Beste Acteur voor Michael B. Jorden. Daarmee werd duidelijk dat grote nominatieaantallen niet automatisch tot de meeste prijzen leiden: buitenlandse producties waren in vrijwel elke categorie vertegenwoordigd, maar weinig van hen verzilverden die kansen. Joachim Triers Sentimental Value kreeg negen nominaties en won uiteindelijk alleen Beste Internationale Film; het Braziliaanse The Secret Agent, met vier nominaties, bleef zonder beeldje achter.
De avond kende ook enkele mijlpalen. Cameravrouw Autumn Durald Arkapaw werd de eerste vrouw ooit die de prijs voor Beste Cinematografie ontving; ze vroeg de vrouwen in de zaal op te staan en prees hun rol in haar carrière. De Oscar voor Beste Bijrol ging naar Amy Madigan voor haar angstaanjagende rol in horrorfilm Weapons — haar overwinning markeert het grootste gat ooit tussen twee actrice‑nominaties: veertig jaar. Jessie Buckley won Beste Vrouwelijke Hoofdrol voor Hamnet en wijdde haar prijs aan vrouwen en moeders.
Voor het eerst werd een prijs uitgereikt voor Beste Casting Director — de eerste nieuwe Oscarcategorie sinds 2001 — en die ging naar Cassandra Kulukundis voor haar werk aan One Battle After Another. Zij bedankte anonieme castingcollega’s wier bijdragen vaak onzichtbaar blijven.
Politieke statements waren schaars maar aanwezig: presentator Conan O’Brien grapte dat het “politiek” kon worden, maar expliciete verwijzingen naar de Amerikaanse president ontbraken. Wel gebruikte Javier Bardem zijn moment bij de internationale filmprijs om te zeggen: “No war, and free Palestine.” Ook documentairemaker David Borenstein (Mr. Nobody Against Putin) gebruikte zijn toespraak voor een waarschuwing tegen wegkijken bij onrecht.
Al met al was het een avond waarin Amerikaanse producties de overhand behielden, nieuwe erkenningen werden gegeven (casting, vrouwelijke cinematografie) en gevestigde makers als Anderson eindelijk hun Oscartriomf behaalden.