Unilever verkoopt merken als Calvé en Knorr aan Amerikaans bedrijf: 'Ze zouden gek zijn om te stoppen'

woensdag, 1 april 2026 (09:31) - Het Parool

In dit artikel:

Unilever heeft met het Amerikaanse McCormick een principe‑akkoord bereikt voor de verkoop van een groot deel van zijn voedingsactiviteiten. De transactie omvat bekende Nederlandse merken zoals Knorr, Calvé en Unox; McCormick zou ongeveer 13,7 miljard euro betalen en daarnaast een deel in aandelen verstrekken. De deal moet leiden tot een beursnotering in New York, met een tweede notering in Europa (mogelijk Amsterdam), en het Rotterdamse hoofdkantoor van de voedingstak zou fungeren als internationaal kantoor van het nieuwe bedrijf. Het onderzoekscentrum in Wageningen blijft volgens de partijen gehandhaafd. Over eventueel baanverlies is nog niets concreets gemeld.

Waarom verkoopt Unilever? Het concern wil zich concentreren op de zogenoemde ‘powerbrands’ in persoonlijke verzorging (merken als Dove en Rexona) omdat daar volgens het management en beleggers meer groeipotentieel zit, vooral in opkomende markten. Voedingsproducten laten doorgaans weinig extra omzetgroei zien: marges kunnen goed zijn, maar de expansiemogelijkheden zijn beperkt. Daarom schuift Unilever een groot pakket voedingsmerken naar McCormick, dat vooral gespecialiseerd is in specerijen, sauzen en kruidenmixen (merken als Cholula en Thai Kitchen).

De overdracht betekent een flinke kapitaalinjectie voor Unilever, maar brengt ook strategische vragen met zich mee: hoe besteed je die opbrengst verstandig en hoe vervang je met succes de weggeslankte activiteiten door nieuwe groeibronnen? Voor McCormick is het een flinke stap — het bedrijf is veel kleiner dan Unilever — en de uitdaging wordt om in de gecombineerde markt snel marktaandeel te winnen zonder merkwaarde te verliezen. Analisten en belangenbehartigers verwachten niet dat merken als Calvé snel verdwijnen; hun herkenbaarheid en winstgevendheid maken verkoop op korte termijn onwaarschijnlijk. Prijzen van producten zullen volgens waarnemers meer door macrofactoren zoals inflatie worden beïnvloed dan door de eigendomsoverdracht.

Voor Nederland heeft de transactie symbolische en praktische gevolgen: Unilever ontstond in 1930 uit een Nederlandse en een Britse onderneming en verloor al in 2019 zijn dubbele nationaliteit. Als de verkoop doorgaat, zou Unilever uiteindelijk geen operationele activiteiten meer in Nederland hebben, waarmee een belangrijk hoofdstuk uit de Nederlandse bedrijfsgeschiedenis verder verschuift richting buitenlandse eigendom.