Verlinden zet Belgische kandidatuur voor internationaal 'oceaansecretariaat' kracht bij in New York
In dit artikel:
Minister van de Noordzee Annelies Verlinden voerde in New York actief campagne voor de Belgische kandidatuur om het nieuwe secretariaat van het internationale Oceaanverdrag (BBNJ) in Brussel te huisvesten. Het verdrag, dat in januari in werking trad, regelt bescherming van biodiversiteit buiten nationale wateren en creëert onder meer periodieke VN-conferenties vergelijkbaar met klimaat- en biodiversiteitsfora. Een eerste COP kan al midden januari volgend jaar plaatsvinden.
Verlinden benadrukte Belgische troeven: de centrale ligging en bereikbaarheid van Brussel, de beschikbaarheid van het Residence Palace als locatie en de wetenschappelijke expertise van instituten zoals het VLIZ. België biedt aan de eerste vijf jaar de gebouwkosten te dragen, zodat middelen van het secretariaat volledig aan de oceaanbescherming besteed kunnen worden. Ook pleit het land voor inclusie door deelname van ontwikkelingslanden te stimuleren.
Een belangrijk onderwerp op de agenda zijn grote mariene beschermde gebieden (MPA's) en het streven om tegen 2030 dertig procent van de oceaan te beschermen — een ambitieuze en waarschijnlijk krappe termijn. Naast België dingen Chili en China mee naar het secretariaat; elk land heeft één stem, wat de kansen voor kleinere Europese staten kan versterken. Tot nu toe hebben 88 landen het verdrag geratificeerd. China benadrukte het belang van internationale samenwerking en een gezond oceaanbeheer voor de mensheid.